via Wikidata · CC0
De Onze-Lieve-Vrouwekathedraal (Cathédrale Notre-Dame) van Sint-Omaars begon als een bescheiden kapel in de 7e eeuw. Later werd het een collegiale kerk en ten slotte in 1561 een van de bekende kathedralen in Vlaanderen en Artesië, na de vernieling van Terwaan, de enige Franse enclave in Artesië, door keizer Karel V. Sinds de opheffing van het bisdom Sint-Omaars in 1801 is de kathedraal geen bisschopszetel meer. Sint-Omaars ressorteert sindsdien onder het bisdom Atrecht. In de kerk hangt een kruisafneming van Rubens en er is ook een herdenkingsmonument van de heilige Audomarus of Omaar. Eén van de religieuze trekpleisters is de graftombe van de heilige Erkembodo. Het grote barokorgel is rijk gedecoreerd met standbeelden en sculpturen. Ze zijn het werk van de broers Antoine-Joseph en Jean-Henri Piette. Hun vader Jean Piette was in 1686 van Antwerpen naar Sint-Omaars verhuisd. Op dit orgel zou Rouget de Lisle een oratorium hebben gehoord van kapelmeester Grisons, waarvan met namde de melodie hem in 1792 inspireerde bij het schrijven van de Marseillaise. * Interieur van de kathedraal * Kruisafneming door Peter Paul Rubens * Orgel * Praalgraf van Eustache de Croÿ
Abstract from DBpedia / Wikipedia · CC BY-SA
via Wikidata sitelinks · CC0
Discovered by embedding cosine similarity (sentence-transformers MiniLM, 384-dim).